Vrijdag 27 maart 1998

SPAM SPAM SPAM SPAM SPAM SPAM SPAM SPAM SPAM SPAM SPAM SPAM SPAM

SPAMis een Amerikaanse merknaam voor vlees in een blikje, gefabriceerd door de Hormel Foods Corporation. Op Internet wordt het woord Spam gebruikt als benaming voor ongewenste E-mail en massaal verstuurde Usenet berichten.

Het is niet precies bekend wanneer het woord Spam voor het eerst op Internet werd toegepast, het is sinds circa 1985 in gebruik. De meeste documentatie over Spam verwijst naar een scene uit Monty Python film 'The Final Ripoff', waarin het woord Spam enkele honderden keren wordt gebruikt.

In 1994 kwam het advocatenkantoor Canter en Siegel op het idee om het Internet te gebruiken om een reclameboodschap te versturen. Via duizenden kanalen werd dezelfde boodschap verspreid over het Internet. Dit incident was een van de eerste toepassingen van Internet als massa-reclame medium. De poging van Canter en Siegel stuitte op veel verzet. Francisco v. Jole schreef erover in de Volkskrant met de titel 'Advocaten ontketenen Internetoorlog'.

Sinds Canter en Siegel is het fenomeen Spam op Internet uitgegroeid tot enorme proporties. Vrijwel iedereen die zich op Internet waagt krijgt vroeg of laat ongewenste post in de postbus. Eenieder die nieuwsgroepen leest zal gemerkt hebben dat de hoeveelheid ongewenste reclame daar soms zoveel ruis veroorzaakt, dat sommige groepen niet meer op een normale manier te lezen zijn.

Spam is niet alleen vervelend voor de eindgebruiker, het veroorzaakt ook ernstige problemen bij de Internet-providers. Spammers proberen vaak misbruik te maken van mail-servers van providers, om op die manier post te sturen naar miljoenen mensen.

Ze gebruiken daarbij niet hun eigen provider, want die zou hen vaak direct afsluiten, dus proberen ze via handige trucs toegang te krijgen tot de mail-servers van andere providers. Via die servers wordt dan een enorme bulk post verstuurd, waarbij meestal ook het adres van de afzender wordt vervalst.

Dergelijke acties leiden ertoe dat mailservers van providers overbelast kunnen raken, waardoor normale post veel later wordt afgeleverd. Doordat de afzender-adressen zijn vervalst krijgt de provider vaak ook veel klaagbrieven te verwerken, hetgeen de kosten nog verder opjaagt.

Bij Usenet nieuwsgroepen is de situatie nog ernstiger, en worden gigantische hoeveelheden spam verstuurd.

Er zijn verschillende initiatieven op Usenet die proberen Spam te verwijderen, de zogenaamde cancelbots. Ik schrok toen een bevriende systeembeheerder vertelde dat Spam 70 procent van de capaciteit van newsservers vreet: 35 procent om de spam te ontvangen, en 35 procent omdat het met de cancelbots automatisch wordt verwijderd. Een newsserver voor een provider kost al snel honderdduizend gulden, en het is natuurlijk zonde als zoveel kostbare capaciteit verloren gaat aan berichten die uiteindelijk niemand leest.

Een Internetabonnee heeft verschillende mogelijkheden om iets tegen e-mail spam te doen. De meest simpele methode is door het te negeren en te wissen uit de mailbox. Er zijn ook verschillende Win95 en Unix programma's die kunnen helpen bij het weren van Spam uit de postbus.

Toch zullen deze programma's niet kunnen voorkomen dat u nog spam in de mailbox aantreft. Spammers worden slimmer, en proberen te voorkomen dat hun boodschappen worden gefilterd.

Wettelijk verbieden van spam is moeilijk, en waarschijnlijk ook ongewenst. Een dergelijk verbod zou nare invloeden kunnen hebben op de vrije meningsuiting. Tevens zou een dergelijk verbod ook moeilijk te handhaven zijn indien niet alle op Internet aangesloten landen een dergelijk verbod instellen.

Dan zou de spammer virtueel vluchten naar de landen waar Spam niet is verboden, en vandaar te werk gaan. Een verbod is op dit moment niet realistisch.

Waarschijnlijk zullen we, de Internetters, met het fenomeen spam moeten leren leven, en het accepteren als een van de minder prettige kanten van Internet.

Felipe Rodriquez